"Een koude douche voor onze vrijwilligers": bisdom sluit parochiaal centrum De Mouterij in Schelle
In dit artikel:
Parochiaal centrum De Mouterij in Schelle moet sluiten omdat het gebouw niet meer aan de Vlaamse normen voldoet en een grondige renovatie nodig heeft. Het bisdom Antwerpen, eigenaar van het centrum, had aanvankelijk 31 december 2026 als sluitingsdatum vastgelegd. Na protest van vrijwilligers en verenigingen werd die termijn verlengd tot eind juni 2027, maar De Mouterij vindt dat uitstel onvoldoende en wil openblijven tot 2030, wanneer de nodige werken uitgevoerd zouden kunnen zijn.
Het centrum is al meer dan zestig jaar een belangrijke ontmoetingsplaats voor onder meer jeugdverenigingen, kaartclubs, familiefeesten, vergaderingen en toneelvoorstellingen. Vandaag maken negen verenigingen er wekelijks gebruik van en zetten ongeveer dertig vrijwilligers zich ervoor in. Dankzij de sociale tarieven konden ook verenigingen met beperkte middelen er terecht.
De beheerraad zegt dat de beslissing als een donderslag bij heldere hemel kwam. Door nieuwe klimaatregels uit 2024 zijn onder meer dakisolatie, zonnepanelen en nieuwe beglazing nodig. Volgens beheerraadslid Marc De Meester beloofde het bisdom mee naar oplossingen te zoeken, maar volgde daarna weinig communicatie. Hij vindt dat de vrijwilligers en gebruikers onvoldoende erkenning krijgen.
Het bisdom ontkent dat het niet bereikbaar was en zegt open te staan voor overleg. Op vraag van de burgemeester volgt midden augustus een nieuw gesprek over mogelijke alternatieven. De verenigingen zoeken intussen andere locaties, maar in Schelle en de omliggende gemeenten is weinig betaalbare accommodatie beschikbaar. De gemeente betreurt de sluiting, maar heeft geen zeggenschap over de beslissing. Volgens een bestuurslid vrezen sommigen dat het waardevolle terrein uiteindelijk plaats zal maken voor appartementen, al zegt het bisdom dat de toekomst van het gebouw nog niet vastligt.
Vandaag Inside: Johan Derksen kritisch op tv-optreden Mona Keijzer: ‘Ik ben fan van haar, maar…’