Grondleggers VS waren geen diepgelovige christenen

donderdag, 2 juli 2026 (19:38) - Reformatorisch Dagblad

In dit artikel:

Volgens historicus James Bratt is het een te simpele gedachte dat de Verenigde Staten vanaf het begin een christelijke natie waren. In een gesprek benadrukt de emeritus hoogleraar van Calvin University dat de grondleggers van de Amerikaanse staat in de late 18e eeuw wel religieus waren, maar meestal niet orthodox-christelijk. Figuren als George Washington, John Adams, Thomas Jefferson en James Madison waren volgens hem eerder vrijzinnig, deïstisch of unitarisch dan diep gelovig. Jefferson ging daarin het verst: hij maakte zelfs een eigen, “geschoonde” versie van het evangelieverhaal waarin wonderen en de opstanding ontbraken.

Bratt legt uit dat religie voor de founding fathers vooral functioneel was: geloof moest moreel houvast bieden en de vrijheid van burgers begrenzen, maar een officiële binding van de nieuwe staat aan het christendom wilden zij niet. De onafhankelijkheidsverklaring en de grondwet kregen daardoor juist een seculiere strekking, ook al waren er op deelstaatniveau wel plaatsen waar christelijke invloed sterker doorschemerde. In sommige staten golden religieuze eisen voor bestuurders en bleef de scheiding tussen kerk en staat lang beperkt.

De historicus wijst er bovendien op dat de Amerikaanse Revolutie niet overal evenveel steun kreeg. In New England en New Jersey sloten veel congregationalisten en presbyterianen zich aan bij de onafhankelijkheidsstrijd, terwijl in andere regio’s, vooral in het zuiden, de houding vaker afwachtend of pro-Brits was. Opwekkingsbewegingen van predikers als George Whitefield en John Wesley droegen volgens Bratt niet direct bij aan de revolutionaire ideologie, maar ze veranderden wel het denken: geloof werd meer een persoonlijke keuze dan een vanzelfsprekende traditie, en dat ondermijnde ook het oude gezag van kerk en overheid.

Bratt koppelt die geschiedenis aan de latere Amerikaanse Burgeroorlog. Zowel noordelijke als zuidelijke geestelijken beriepen zich toen op de Bijbel om hun politieke standpunt te verdedigen, wat volgens hem laat zien dat religie in de VS vaak eerder politieke conflicten versterkte dan oploste. Zijn conclusie is helder: het christendom heeft de Amerikaanse geschiedenis beïnvloed, maar de Amerikaanse staatsinrichting zelf is niet als een uitgesproken christelijk project ontstaan.

BEKIJK OOK:

Het Oranje Café: Eljero Elia is anti-Argentinië: 'Engnekken, houd ik niet van!'