Vereniging Zondagsrust en Protestants Nederland komen met manifest; „sluiting winkels op zondag ook goed voor milieu"
In dit artikel:
De Vereniging Zondagsrust overweegt te stoppen met het huis-aan-huis verspreiden van haar magazine over de zondagsrust. Dat maakte voorzitter mr. L. Vogelaar bekend naar aanleiding van de jaarvergadering die zaterdag in Barneveld plaatsvond. Het blad wordt dit jaar nog verspreid in Gelderland en Noord-Brabant, maar Vogelaar zegt dat het financieel zware middel — het kost de vereniging naar eigen zeggen honderdduizenden euro’s — mogelijk niet langer effectief is om het brede publiek te bereiken.
De vereniging bereidt daarnaast een manifest voor, dat zij wil aanbieden aan prof. dr. M. Bussemaker, voorzitter van de Raad voor Volksgezondheid en Samenleving. In het manifest wordt het belang van een collectieve rustdag voor de Nederlandse samenleving benadrukt: zondagsrust zou onder meer helpen tegen stress en positieve effecten hebben op het milieu, aldus Vogelaar. Die milieuclaim wordt ondersteund door onderzoek dat is uitgevoerd in samenwerking met Vernieuwd Protestants Nederland, een partner waarmee de vereniging publiekcampagnes voert en maatschappelijke reacties volgt.
Voor het onderwijs ontwikkelt de Vereniging Zondagsrust een lespakket met drie lessen, bedoeld om scholieren inzicht te geven in de zondagsrust wereldwijd, de besteding van de zondag en de rol van de zondag bij stressvermindering. De materialen zijn in eerste instantie gericht op reformatorische en christelijke scholen, maar kunnen ook breder worden aangeboden; docenten kunnen de lesbrieven gratis aanvragen en er is de mogelijkheid om iemand van de vereniging op school uit te nodigen.
De vereniging telt ruim 24.000 leden en wil blijven waarschuwen tegen verdere ontheiliging van de zondag. Vogelaar stelt dat de zondagsrust niet alleen een sociale gewoonte is, maar een noodzakelijk middel voor de heiliging van Gods dag en een algemeen maatschappelijk belang. Toch blijft de vraag of dure, gedrukte campagnes de beste manier zijn om die boodschap nog te verspreiden.