Wereldwijd christendom groeit, maar staat onder druk
In dit artikel:
Het Amerikaanse Center for the Study of Global Christianity rapporteert dat de wereldwijde christelijke bevolking in absolute aantallen groeit, maar sterk verschuift en onder druk staat. In cijfers: van circa 1,2 miljard christenen in 1970 naar ruim 2,6 miljard in 2026, met een projectie naar ongeveer 3,7 miljard in 2075. Door de veel grotere mondiale bevolkingsgroei blijft het aandeel christenen redelijk stabiel rond de 32 procent, mogelijk stijgend naar bijna 36 procent in de lange termijn.
Regionaal is het beeld duidelijk ongelijk: de meerderheid van christenen woont inmiddels in Afrika, Azië en Latijns-Amerika en die groei zet naar verwachting door tot 2050. Tegelijkertijd nemen aantallen in traditionele bolwerken af — Europa daalt al decennia, Noord-Amerika licht, en het Midden-Oosten zag het aandeel christenen teruglopen van rond 12,7 procent in 1900 naar zo’n 4,2 procent nu.
Andere belangrijke trends: snelle verstedelijking zorgt voor meer grote steden waar christelijke aanwezigheid vaak beperkt is; ongeveer 2,3 miljard mensen hebben nog geen toegang tot het Evangelie en maar 18–20 procent van niet-christenen kent persoonlijk een christen. Hoewel het aantal christenen dat om het geloof wordt gedood lager is dan vroeger, stierven de afgelopen tien jaar nog ruim 900.000 mensen vanwege hun geloof. Daarnaast vormen interne problemen zoals fraude en financiële verliezen een belasting voor kerken en organisaties.
Het christendom blijft de grootste religie, maar groeit langzamer dan de islam, waardoor het verschil tussen beide wereldreligies kleiner wordt — hoewel de verwachting is dat christenen in 2075 nog steeds in de meerderheid zijn. Deze ontwikkelingen hebben gevolgen voor zendingsstrategieën, kerkelijke governance en religieuze verhoudingen wereldwijd.