Zorgen in kerkverband over interne eenheid? Stel dan kansel open voor alle dominees
In dit artikel:
In veel vrijzinniger delen van de Nederlandse kerk is het ondenkbaar dat iedereen zomaar op elke kansel staat. Addy de Jong richt zijn blik echter op vrij homogeen bevindelijk-gereformeerde groepen zoals de Hersteld Hervormde Kerk (HHK) en de Gereformeerde Gemeenten (GG) en vraagt zich af waarom ook daar predikanten veelal stilzwijgend in “wel” en “niet”-categorieën worden ingedeeld. Hij schetst een herkenbare anekdote: een jonge preekregelaar krijgt bij zijn aantreden drie denkbeeldige lijstjes aangereikt — mensen die je altijd, nooit of slechts in noodgevallen uitnodigt — en accepteert dat gewoon als praktijk.
De Jong betoogt dat zo’n werkwijze merkwaardig is omdat predikanten die eenmaal door toelatingsorganen (curatoria) zijn aangenomen formeel als dragers van Gods Woord vertrouwen verdienen. Eventuele afwijkingen horen via het reguliere kerkelijke toezicht (de kerkenraad) aangepakt te worden, niet door vooraf uitsluiten. Gesloten kansels weerspiegelen volgens hem wantrouwen, vermijden van gesprek en het ontstaan van ingesloten groepjes die elkaar constant bevestigen. Historische voorbeelden — met name spanningen en uiteenvallen binnen de GG in de jaren vijftig en huidige verschuivingen in de Christelijke Gereformeerde Kerken (CGK) — illustreren hoe polarisatie en het naast elkaar heen leven uitmonden in scheuringen.
De auteur erkent dat in brede, theologisch uiteenlopende kerkverbanden zoals de Protestantse Kerk in Nederland (PKN) selectie begrijpelijk kan zijn — niemand wil een voorganger die basisleerstellingen verwerpt — en maakt een belangrijke nuancering: beroepingswerk vergt juist afstemming tussen predikant en gemeente. Maar voor gemeenten binnen hetzelfde confessionele kader lijkt het structureel vermijden van bepaalde voorgangers contraproductief. De Jong pleit ervoor open kansels te benutten als oefenterrein: binnen de grenzen van gemeenschappelijke belijdenis te wennen aan variatie in stijl en accent, zodat wederzijds vertrouwen en gesprek groeien in plaats van verval naar splintering.
Als lichtpunt noemt hij de Rijnsburggroep, waarvan de deelnemers uit groepen voortkomen die traditioneel met verschil konden omgaan; hij hoopt dat daar het fenomeen van gesloten kansels achterblijft. Kortom: gesloten kansels zijn volgens De Jong niet alleen curieus maar ook gevaarlijk voor de interne eenheid van reformatorische kerken; openheid en gespreksbereidheid zijn gezondere middelen om doctrinaire eenheid en gemeenschapsvorming te bewaren.